blogging-banner 700x180

 

Dit essay won de zilveren medaille bij jaarlijkse essaywedstrijd van dagblad NRC en de Koninklijke Hollandsche Maatschappij der Wetenschappen (KHMW) 2014.

 

EssayWordle 2015-01-08 W600

“Space. The final frontier.” Met deze epische betiteling beginnen afleveringen van Star Trek. Het universum en de menselijke verkenning daarvan worden neergezet als een groots avontuur - en als een menselijke prestatie. Van groots formaat. Want de ruimtevaart, die wij in 1957 zijn begonnen, is een uitvinding van enorm belang.

Bepalen wat de beste uitvinding is van de afgelopen honderd jaar, is een leuke test voor mij. Het gaat dus om een uitvinding sinds 1914, het jaar dat oorlogvoeren

opnieuw werd uitgevonden. Is dat een ding? Een concept? Een organisatie? Kies ik voor een heel onopvallend klein voorwerp, waarvan de impact afgeleid heel groot is - iets dat het vlindereffect heeft? Eerlijk gezegd wist ik het niet meteen. Een concept als de Volkerenbond is een voorloper van de VN, de EU en was in veel opzichten een goed idee, dat uitgevoerd werd met veel inefficiëntie. Of dan toch de mobiele telefoon? Een uitvinding die ons straatbeeld en ons gedrag de afgelopen twintig jaar danig veranderd heeft. Maar wacht, daarbij was het touchscreen ook heel belangrijk. Of de microprocessor.

Ik kom uit op de uitvinding van een concept, dat de technologie die er was benut heeft en die heeft aangejaagd tot een veel hoger niveau. Daarbij valt te denken aan de microchip, aan Formule 1 autoracen, aan het computerprogramma, en aan de ruimtevaart. Het computerprogramma valt al snel af: het is een 19e-eeuwse uitvinding van Ada Augusta, die op een toen nog mechanische rekenmachine moest worden toegepast. De microchip heeft dat een stuk makkelijker gemaakt, een technologische vooruitgang die als aanjager heeft gewerkt voor computers, mobiele technologie en meer. Maar Formule 1 heeft meer te bieden dan dat: net als de microchip is dit sportcircus een aanjager van technologie, waarvan een deel ons dagelijks leven raakt, met efficiëntere motoren, betere remmen, gewichtsbesparing en veilige brandwerende kleding, maar daarnaast spreekt het miljoenen mensen overal ter wereld aan. Er is een emotionele lading, een bewondering voor de coureurs en de teams. Daarom heb ik serieus Formule 1 en ruimtevaart bekeken. De verering van de coureurs en teams is nog groter dan die van ruimtevaarders, maar de ruimtevaart - ook en vooral de onbemande - draagt nog meer bij aan onze kennis en ontwikkeling.

Amerikaanse astronautRuimtevaart is het verlaten van onze atmosfeer met door de mens gebouwde apparatuur, al dan niet met mensen aan boord. Afhankelijk van je manier van meten, ‘begint’ ruimtevaart op een hoogte van zo’n tachtig tot honderd kilometer. Het begon met een Nazi-raket van het type V2, die in 1944 hoog genoeg kwam om de ruimte te bereiken. Daarna werden nog meer raketbommen tot grote hoogten gestuwd, soms zelfs met een fotocamera aan boord. Na het bommentuig duurde het nog zo’n dertien jaar tot er met Spoetnik een echt apparaat in de ruimte gebracht werd. En toen begon het tijdperk van de ruimtevaart, the Space Age volgens de Amerikanen. Een tijdperk waarin wij steeds, over allerlei eraan gerelateerde onderwerpen, kunnen zeggen: wauw!

Is ruimtevaart wel een uitvinding van de afgelopen honderd jaar? Om dat te bepalen is een extra criterium nodig. Daarom stel ik het volgende: iets is pas een goede uitvinding, als het gerealiseerd is. Tot die tijd is het een idee, of zelfs een fantasie. De (geostationaire) communicatiesatelliet was in 1945 een idee van Arthur C. Clarke. Maar het was een uitvinding van het team van Sovjet-wetenschappers onder Sergei Korolev die Spoetnik lanceerden in 1957, of anders van de Amerikaanse wetenschappers van Hughes Aircraft Company, die Syncom 3 bouwden, de eerste satelliet die daadwerkelijk geostationair was. De reis naar de maan mag, bijvoorbeeld, door Jules Verne gefantaseerd zijn, maar het schijnen toch de Amerikanen te zijn die de uitvindingen combineerden om deze reis te realiseren. En de bemande vlucht naar Mars is, volgens dit strakkere criterium, nog niet uitgevonden - maar natuurlijk al wel bedacht.

Wring ik mij nu in allerlei bochten? Welnee, ik toon respect voor De Uitvinder, door deze te waarderen omdat die de kunst verstaat fantasie, idee en realiteit te kunnen combineren. Een uitvinding is een hele prestatie, en de ruimtevaart is daarvan in de afgelopen eeuw zonder meer de primus inter pares.

Het pad van vooruitgang van de ruimtevaart is wonderbaarlijk. Van vliegende bommen naar een bol met sprietjes en een radiootje. Maar dan wel een bol die rondjes om de aarde vloog. Wauw! En het eerstvolgende ruimtevaartuig van de Sovjets had zelfs al een hondje aan boord. In die tijd maakte niemand zich er druk om, dat de arme Laika een enkeltje had naar de ruimte en de aarde niet levend zou terugzien. Daarna kwamen de Amerikanen erbij en werd de space race verder uitgevochten.

Wacht eventjes. Een race? Dus die bloedserieuze en o zo belangrijke ruimtevaart was net zo zeer een wedstrijdje als die Formule 1 autootjes?

Ja. De ruimterace was een wedstrijdje. Een wedstrijd die meer om prestige ging dan welke ook in de hele twintigste eeuw. Niks mooiste Olympische Spelen, niks beste schakers, niks ‘onze ideologie wint het in dit Aziatische land’. De prestigestrijd om de ruimte werd op staatshoofdenniveau gestreden. De partijleider en de president waren jongetjes die met hun raketjes mochten spelen, en de wetenschappers waren hun vriendjes die zeiden: “Weet je wat ook spannend is?”

Sovjet/Russisch ruimtestation MirEn zo komt het dat de jaartallen 1957, 1961, 1969 en, in mindere mate, 1965, 1971 en 1981, als mijlpalen van de ruimtevaart en van de Koude Oorlog worden gezien. Na Spoetnik in 1957 haalde de Sovjetunie ook de tweede mijlpaal door Joeri Gagarin als eerste mens in 1961 te lanceren (en heelhuids terug te laten komen). In 1969 kwam president Kennedy’s belofte uit, toen de Amerikanen de eerste mensen op de maan brachten - iets dat zo ongelofelijk is, dat er nog steeds veel mensen geloven dat het allemaal geënsceneerd was. In 1965 maakte Aleksej Leonov een ruimtewandeling en in 1971 werd met Saljoet 1 het eerste ruimtestation een feit. In 1981 werd de Space Shuttle gelanceerd, waarschijnlijk het eerste ruimteschip dat ook esthetisch aanspreekt. Toen in de jaren tachtig de Koude Oorlog uit de lucht ging, was het met de ruimterace ook voorbij. Hoewel Europa, Japan en China ook ruimteonderzoek blijven doen, is de NASA leidend in de ruimtewereld geworden, met de Russen nog steeds als goede tweede, die niet langer ambiëren om eerste te zijn.

Hoe is dit langlopende prestigeproject in hemelsnaam de belangrijkste uitvinding te noemen? Er zijn miljarden Roebels en Dollars opgegaan aan prestaties die meer show waren, dan wetenschap. Ja, wauw, wat een geld. Maar is dat geld echt verspild? Nee, hoewel het waarschijnlijk beter besteed had kunnen worden, zijn de miljarden van de ruimterace aangewend om grote en kleine wetenschappelijke doorbraken te bereiken. Zo was het natuurlijk nodig om voor ruimtewandelingen een geschikt ruimtepak te ontwikkelen. De kennis die daarbij is opgedaan, heeft ons veel geleerd over straling, het tegenhouden ervan en de reacties van het menselijk lichaam op straling in de ruimte.

Het militaire aspect is zowel de grootste belemmering als de grootste aarde-gerichte aanjager van vooruitgang in de ruimtevaart. Het was het beste excuus dat de leider-jongetjes en hun enthousiaste wetenschapsvriendjes hadden om geld in de ruimte te gooien. De vliegende bommen van de Duitsers werden steeds geavanceerdere intercontinentale kernraketten, waarvan sommige in de atmosfeer bleven, maar andere wel degelijk via de ruimte op hun doel afgingen. Er was ook een militair monopolie op de ruimte, een monopolie dat overigens in de vrije markt van de Verenigde Staten al in de vroege jaren zestig doorbroken werd. Onder militaire supervisie mochten commerciële bedrijven hun communicatiesatellieten ontwikkelen en lanceren. De militairen bleven wel sturen: raketten werden ontwikkeld in een waas van staatsgeheimen, wetenschappers mochten lang niet al hun vindingen publiceren.

Aan de andere kant: onze prachtige fototoestellen en videocamera’s komen voort uit spionagetechnologie die voor vliegtuigen en spionagesatellieten ontwikkeld werd. Ons GPS-netwerk, waarmee we allemaal onze routeplanners kunnen laten werken, bestaat uit een van oorsprong militair netwerk van geostationaire satellieten. Talloze bedrijven hebben met enorme creativiteit van deze technologie gebruik gemaakt om nieuwe technologie te ontwikkelen, waardoor wij beter weten waar wij zijn en waar wij zo dringend heen moeten.

Na de ruimterace blijft de ruimtevaart ons ontwikkelingen opleveren. Voor het doen van natuurkundig ruimteonderzoek is weinig of geen militaire reden nodig. De hang naar kennis en, om een voornaam voorbeeld te noemen, de zoektocht naar alternatieve energiebronnen zijn inmiddels dusdanig sterk in de mensheid verankerd, dat wij hierin onszelf opstuwen om meer en meer uit onze ruimtevaart te halen. En zo komen wij aan de motivatie om onderzoek te doen, dat niet op de aarde, maar naar buiten toe gericht is. De in 1977 gelanceerde Voyager ruimtesondes zijn nog steeds aan het meten, zij het heel beperkt, en daardoor begrijpen wij nu beter hoever de verschillende invloedsferen van de zon reiken en aan wat voor krachten onze technologie in de interstellaire ruimte wordt blootgesteld. Onze kennis over het universum is enorm toegenomen door satellieten en sondes als SOHO (observeert de zon en kometen), NEAR (geland op een planetoïde), Cassini (Saturnus), en de wereldberoemde Hubble Space Telescope.

Onbelangrijke kennis? Nee, wij kunnen een eventuele inslag op onze planeet nu eerder zien aankomen, en, afhankelijk van het object en onze eensgezindheid, zou dat zelfs op tijd kunnen zijn. Wij kunnen mogelijk andere levensvormen ontdekken. Wij kunnen mijnbouw ontwikkelen op andere werelden. Wij kunnen een zonnestorm zien aankomen en tijdig allerlei apparatuur uitschakelen. Wij hebben ontzettend toegenomen kennis van evenwicht, omloopbanen, gyroscopen, katapulteffecten en andere dynamica. Wij kunnen meer en meer zonne-energie opvangen en benutten in plaats van fossiele brandstoffen. Wij zijn dichterbij een theorie die alle energie en massa verklaart - een Grand Unification Theory of GUT - en die bewijst en uitlegt waarom Einstein gelijk had dat massa en energie twee verschillende uitingen van hetzelfde zijn. En, oh ja, bijna vergeten, wij hebben een steeds wetenschappelijker verklaring voor de vraag “Waar komen wij vandaan?”. Als wij niet in de ruimte hadden kunnen experimenteren en observeren, was dit allemaal nu nog onbereikbaar geweest.

Gouden plaat, zoals die met de Voyager satellieten meegestuurd is naar de interstellaire ruimteRuimtevaart heeft onze wetenschap grote stappen vooruit laten zetten. Ook de manier waarop dat is gegaan, maakt de ruimtevaart tot een zo ontzettend belangrijke uitvinding. Ruimtevaart was en is een grote inspanning van vele duizenden mensen, niet alleen van een of twee briljante mensen, maar van heel veel briljante of in ieder geval slimme mensen die samenwerken. Dit heeft zich geuit in min of meer tijdelijke dorpen van twintig- tot vijftigduizend mensen rond lanceerbases als Baikonoer (toen Sovjetunie, nu Kazachstan), mensen die in een lege woestenij woonden om te werken aan een grootse menselijke prestatie. Tegenwoordig, in het International Space Station, werken talloze landen, waaronder de oude Koude Oorlog-vijanden, samen om hoogwaardige wetenschap te bedrijven. Waar veel theoretische natuurkundigen aan hun GUT bouwen met in de astronomie en de ruimtevaart opgedane kennis, is de ruimtevaart zelf ook een Grote Unificator; ondanks gezonde rivaliteit en competitie, zien de mensen die bij de ruimtevaart betrokken zijn steeds weer, dat samenwerken hen het verst brengt.

Astronauten die de aarde vanuit de ruimte gezien hebben, maken vaak een verandering door. In het stille vacuüm van de ruimte zien ze in, hoe kwetsbaar de aarde is, en hoe de mensheid onze planeet verandert, ten goede en ten kwade. Wubbo Ockels streed, zoals vele astronauten, tot zijn laatste snik voor een groter milieubewustzijn en voor de toekomst van onze planeet. Wij gaan ons door ruimtevaart om onze toekomst bekommeren. Dan is het wel een aardige uitvinding, nietwaar?

 

 

Drs. R.E. van Praagh MA (1978) is schrijver. Hij schrijft journalistieke en commerciële teksten in het Nederlands en Engels, van website tot achtergrondartikel, tot zakelijk voorstel. Hij is organisatiekundige en bedrijfseconoom en publiceert ook op diverse websites.

De Hubble Space Telescope, een doorbraak in de ruimtevaart